In Nederland wordt al sinds vele decennia olie en gas gewonnen. De sector staat echter onder druk. Veel velden zijn inmiddels in de laatste jaren van productie. Door de teruglopende winning zijn de inkomsten van mijnbouwondernemingen ook gereduceerd. Burgers willen steeds meer weten over de olie- en gaswinning in hun buurt en staan steeds negatiever tegenover fossiele brandstoffen.

Forse toename van het aantal adviezen van SodM op winningsplannen

Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) houdt toezicht op de veiligheid voor mens en milieu bij olie- en gaswinning op land. In het hiernavolgende deel kunt u lezen wat SodM in 2017 in deze sector heeft gedaan. Zo heeft SodM de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) geadviseerd over de opsporingsvergunningen en winningsplannen van mijnbouwondernemingen. Vervolgens heeft SodM gecontroleerd of mijnbouwondernemingen de voorwaarden uit de instemmingsbesluiten daadwerkelijk naleven. In een aantal gevallen leidde dit tot handhaving door SodM. Daarnaast heeft SodM de minister geadviseerd over omgevingsvergunningen van mijnbouwlocaties. Tot slot heeft SodM in 2017 een aantal incidenten onderzocht, ervoor gezorgd dat de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) het gebruik van mijnbouwhulpstoffen én de uitleg hierover heeft verbeterd, en toezicht gehouden op seismisch onderzoek door Vermilion.

Maatschappelijke onrust over gaswinning

Gemeenten in heel Nederland worden als gevolg van de aardbevingen in Groningen steeds kritischer over de winning van olie en gas. In lijn met deze weerstand is in het regeerakkoord besloten dat er geen opsporingsvergunningen worden afgegeven voor nieuwe gasvelden op land.  In februari 2018 heeft de minister van EZK in de Tweede Kamer aangegeven dat ook voor het boren naar schaliegas definitief geen vergunningen worden verstrekt.

Inspraak voor burgers en decentrale overheden

Op 1 januari 2017 is de Mijnbouwwet aangepast. Hiermee is de inspraakprocedure rondom winningsplannen uitgebreid. Nieuw is dat, behalve de gebruikelijke adviseurs op winningsplannen, nu ook de decentrale overheden een adviesrol hebben gekregen. Het advies van SodM op het winningsplan is belangrijke informatie voor deze lokale overheden. Daarom publiceert SodM deze adviezen, snel nadat deze naar de minister van EZK zijn verzonden, op haar website. Vervolgens verwerkt het ministerie alle adviezen in het ontwerpbesluit over het winningsplan. Daarna is er de mogelijkheid een zienswijze op het ontwerpbesluit in te dienen. Het advies van SodM op het winningsplan is belangrijke informatie voor deze belanghebbenden. In 2017 heeft SodM daarom veel aandacht besteed aan betere leesbaarheid van haar adviezen. Ook heeft SodM op verzoek van het ministerie 6 keer een advies toegelicht op voorlichtingsavonden voor omwonenden.

Meer adviezen op winningsplannen

Om olie of gas te kunnen winnen uit de ondergrond, moet een onderneming een aantal vergunningen en een goedgekeurd winningsplan hebben. Als adviseur voor de winningsplannen heeft SodM in 2016 bij de minister van EZK aangedrongen op het zo spoedig mogelijk wegwerken van bestaande achterstanden in de verwerking van winningsplannen. Dit heeft geleid tot een flinke toename van het aantal gevraagde adviezen aan SodM. In 2017 heeft SodM in totaal 32 adviezen uitgebracht op nieuwe en geactualiseerde plannen voor winning van olie en gas op land. In 2016 waren dit er slechts 5.

Handhaving van de winningsplannen

Als een mijnbouwonderneming olie of gas wint zonder geldige vergunning, de voorschriften in de vergunning of de eisen uit een winningsplan niet naleeft, dan grijpt SodM in. Voorschriften in een winningsplan of in een omgevingsvergunning hebben onder andere tot doel risico’s te beheersen en/of een belang te beschermen. Het is daarom belangrijk dat ondernemingen deze voorschriften naleven. De burger moet erop kunnen vertrouwen dat SodM ingrijpt bij een onjuiste naleving van de voorschriften, dan wel de mogelijkheid hebben om hierover vragen te stellen aan de toezichthouder. In 2017 speelde dat in de onderstaande gevallen.

Wapse

De omgevingsvergunning van Vermilion Energy Netherlands voor gaswinning bij Wapse werd in januari 2017 door de rechter vernietigd. Op de dag na het vonnis van de rechter was de gaswinning echter nog niet beëindigd. SodM heeft hierover contact opgenomen met de mijnbouwonderneming en er volgde een schriftelijke last onder dwangsom. Toen de hogere rechter in maart een voorlopige voorziening trof, mocht Vermilion Energy Netherlands weer produceren en heeft SodM de last ingetrokken. Het bezwaar tegen de last werd uiteindelijk gegrond verklaard, omdat de onderneming de winning in januari, na contact met SodM, maar vóór de schriftelijke last, had stilgelegd. De gaswinning in Wapse kwam in 2017 ook op een andere manier in het nieuws. In augustus 2017 werd bekend dat het Openbaar Ministerie overweegt een strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar de gasproductie in het najaar van 2015 en het voorjaar van 2016. Deze zou mogelijk hoger zijn geweest dan de omgevingsvergunning destijds toestond.

Langezwaag

In februari 2017 kwamen signalen bij SodM binnen vanuit Heerenveen dat de gaswinning aldaar niet volgens de regels zou verlopen. Na onderzoek van SodM bleek dat Vermilion Energy Netherlands sinds november 2016 gas won uit een voorkomen, dat niet was beschreven in het meest recente winningsplan. SodM legde een last onder dwangsom op om de winning te stoppen. Van de winning via een andere put in Heerenveen constateerde SodM dat deze wél in het winningsplan was beschreven. Een verzoek om ook daar een last op te leggen werd daarom afgewezen. Toen de minister van EZK bekendmaakte dat hij voornemens is de winning in Langezwaag te vergunnen, werd de eerder genoemde last weer ingetrokken.

Waddenzee

De NAM moet voor de winning van gas onder de Waddenzee onderzoek doen naar de effecten op de Waddenzeebodem op de lange termijn. Dat onderzoek had vóór februari 2017 af moeten zijn. In mei stelde SodM vast dat de voorgestelde methodiek niet goed genoeg was en kondigde een last onder dwangsom aan. In juli werd de last opgelegd: de NAM kreeg tot 31 oktober om een betere versie in te dienen. De NAM heeft hier tijdig aan voldaan en in februari 2018 heeft SodM verklaard dat de methodiek bruikbaar is.

Hardenberg-Oost, Maasdijk en Monster

In augustus 2017 kondigde SodM een last onder dwangsom aan, omdat de gasproductie van de NAM uit de voorkomens Hardenberg-Oost, Maasdijk en Monster hoger was dan toegestaan. De NAM gaf hierop haar zienswijze en die heeft SodM zorgvuldig bestudeerd. In februari 2018 legde SodM een last onder dwangsom op om de NAM te dwingen de gaswinning in Maasdijk en Monster te staken. De NAM heeft de winning vervolgens stilgelegd. De winning bij Hardenberg-Oost was ondertussen gelegaliseerd door een wijzingsinstemmingsbesluit van de minister van EZK waarmee een hoger productievolume is vastgelegd.

Vries-10

In augustus 2017 ontving SodM een handhavingsverzoek om de gaswinning door de NAM uit put Vries-10 bij Assen te stoppen, omdat deze winning niet zou passen binnen de geldende regels. In oktober concludeerde SodM echter dat de gaswinning wel volgens het winningsplan verliep en wees het verzoek af.

Toezicht op bodemdaling en bevingen

SodM monitort ook of de bodemdaling die door de olie- en gaswinning veroorzaakt wordt, binnen de marges van de vergunning blijven. Hiervoor moeten de mijnbouwondernemingen elk jaar een meetplan indienen, dat SodM vervolgens beoordeelt. Tevens houdt SodM de ontwikkelingen in seismiciteit in de gaten, om zeker te stellen dat deze zich niet anders ontwikkelt dan in het winningsplan voorspeld. Deze monitoring laat slechts 4 aardbevingen buiten het Groningen-veld zien. Een vijfde beving is mogelijk aan het Bedumveld toe te schrijven, maar dit is niet met zekerheid vast te stellen. Alle bevingen hadden een sterkte kleiner dan 2 op de schaal van Richter, zoals te zien is in het onderstaand overzicht.

Aardbevingen buiten het Groningenveld

Aardbevingen buiten het Groningenveld
DatumLocatieGasveldMagnitude
9-mei-17EmmenEmmen1,6
15-mei-17ZuidwoldeBedum1,2
11-okt-17VriesVries-Centraal0,7
19-nov-17EmmenEmmen1,6
25-nov-17SchoonebeekSchoonebeek (gas)1,2
Brontabel als csv (198 bytes)

Adviezen over omgevingsvergunningen

SodM adviseert de minister van EZK ook over de omgevingsvergunning van een mijnbouwlocatie. Geluid, veiligheid en emissies in de lucht zijn hierbij belangrijke aspecten. In 2017 heeft SodM 30 adviezen verstrekt over omgevingsvergunningen voor mijnbouwlocaties op land. SodM toetst of de best beschikbare technieken worden toegepast. Ter illustratie: bij 3 locaties hebben mijnbouwondernemingen een geluidsscherm neergezet ter naleving van de vereisten uit de vergunning.

Controle op naleving van vergunning

SodM heeft 108 integrale inspecties uitgevoerd

Tijdens inspecties controleert SodM de naleving van de vereisten uit de vergunning. In 2017 heeft SodM 108 inspecties uitgevoerd. Dit zijn zogenaamde integrale inspecties, waarbij zowel de naleving van de Arbeidsomstandigheden wetgeving is geverifieerd, alsmede de naleving van de milieuwetgeving en de voorschriften in de omgevingsvergunning. Hierbij heeft SodM onder andere tekortkomingen geconstateerd ten aanzien van labelling en etikettering van gevaarlijke stoffen en chemicaliën, de naleving van voorschriften in de omgevingsvergunning, alsmede de meting en registratie van emissies op enkele locaties. Deze tekortkomingen zijn door de betreffende mijnbouwondernemingen binnen de gestelde termijnen gecorrigeerd. Op basis van onderzoeken naar voorvallen en ongevallen, heeft SodM 1  boeterapport opgesteld en overgedragen aan de behandelende afdeling van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Het betrof een incident met blootstelling van een werknemer aan het giftige waterstofsulfide (H2S).

Incident met uitstoot aardgascondensaat

Op 3 augustus 2017 vond in Loon op Zand een kortstondige uitstoot van aardgascondensaat plaats op locatie van Vermillion Energy Netherlands. Aardgascondensaat is een giftige, licht ontvlambare vloeistof, die vrijkomt bij de winning van aardgas. Als gevolg van dit incident zijn omliggende gewassen, gebouwen en de bodem verontreinigd over een oppervlak van circa 250 m2. Vermilion Energy Netherlands heeft het incident direct gemeld en de verontreiniging laten saneren. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft de sanering op verzoek van SodM beoordeeld. Conclusie van dat onderzoek is dat de sanering op een juiste wijze is uitgevoerd en dat de grond weer schoon is. Het incident heeft geen direct gevaar opgeleverd voor de volksgezondheid. SodM heeft de gemeente geholpen bij de voorlichting aan haar burgers over het incident. Naar de toedracht van het incident is het OM een strafrechtelijk onderzoek gestart.

Lekkage bij schip in Delfzijl onderzocht

Op 9 augustus heeft een schip in de haven van Delfzijl aardgascondensaat gelekt. Aardgascondensaat is een giftige, licht ontvlambare vloeistof wat vrijkomt bij de winning van aardgas. Een medewerker was bij het overladen van de stof, van tank op schip, vergeten een afsluiter van een installatie dicht te zetten. Daardoor stroomde 2.500 liter aardgascondensaat weg, waarvan een deel in het water terecht is gekomen. Aan boord van het schip is een persoon onwel geworden en met ademhalingsmoeilijkheden naar het ziekenhuis gebracht. SodM en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) hebben onderzoek uitgevoerd naar het incident. Uit het onderzoek is onder andere naar voren gekomen dat alle verplichte handelingen aan walzijde en op de verladingssteiger zijn uitgevoerd en dat de installatie naar behoren functioneerde. Een verbeterpunt is de onderlinge communicatie tussen de verscheper en de leverancier van het aardgascondensaat.

Toezicht op seismisch onderzoek

Vermilion Energy Netherlands heeft in november seismisch onderzoek uitgevoerd. Voor dit onderzoek heeft Vermilion Energy Netherlands een vergunning aangevraagd en gekregen van SodM. Met trilwagens, trillingsmeters en springstoffen is de ondergrond van Drachten in kaart gebracht. Zo is inzicht gekregen in de wijze waarop de ondergronden zijn opgebouwd, en of er aardgas in de grond zit. Naast aardgas, was Vermilion Energy Netherlands ook op zoek naar bodemlagen, die geschikt zijn voor aardwarmte. SodM heeft gedurende het onderzoek verschillende aangekondigde en onaangekondigde inspecties uitgevoerd naar de naleving van de vereisten uit de vergunning. SodM heeft geen overtredingen geconstateerd. Wel kreeg SodM signalen over hinder van de werkzaamheden voor inwoners van Smallingerland. SodM heeft hierover contact gehad met de gemeente.

Beter gebruik mijnbouwhulpstoffen

Verontruste Twentse burgers hebben een aantal jaren geleden de stichting ‘Stop Afvalwater Twente’ opgericht. Deze stichting ageert tegen de injectie van productiewater in de Twentse ondergrond. De stichting wilde van de NAM weten hoeveel mijnbouwhulpstoffen de NAM bij het winningsproces van aardolie toepast. De stichting was niet tevreden met de antwoorden van de NAM en heeft zich tot SodM gewend. SodM heeft vervolgens gesprekken gevoerd met een woordvoerder van de stichting en met de NAM. Een en ander leidde tot een aantal aanpassingen. Zo werd door de NAM:

  • een verbeterde rekenmethode ontwikkeld, die toegepast wordt om de gebruikte hoeveelheid hulpstof te bepalen;

  • het meet- en regelprotocol, dat voor die hulpstof werd gebruikt, aangepast zodat overschrijding van de vergunde hoeveelheid mijnbouwhulpstof niet langer mogelijk is;

  • een voor het publiek leesbare beschrijving van het proces en de toegepaste techniek en systemen opgesteld.

In ‘Jaarplan 2017’ aangekondigd project

Project: ‘Integriteit infrastructuur’

In 2017 heeft SodM onderzoek gedaan naar de integriteit van in gebruik zijnde putten. Binnen de infrastructuur van de delfstoffenwinning is het puttenarsenaal een kritische component. SodM heeft de manco’s en gebreken in of aan putten in kaart gebracht en gerangschikt per type delfstof (olie, gas, zout en geothermie) en per type verwerking (productie, injectie en opslag). Dit onderzoek is begin 2018 afgerond. SodM zal er dan op toezien dat mijnondernemingen maatregelen nemen om eventuele manco’s te verhelpen of om risico’s te verminderen.

Tevens is een onderzoek uitgevoerd op het mogelijk lekken van verlaten putten. Hiertoe zijn zeer nauwkeurige gasmetingen in de lucht verricht bij 185 verlaten putten, verspreid over zes provincies. Dit komt neer op 14% van het totaal aantal verlaten putten. Bij geen van de oude putlocaties werd boven de grond gas gemeten.

De Universiteit Utrecht heeft met behulp van een andere methode onderzoek uitgevoerd bij 29 verlaten putten. Bij één oude put is een beperkte hoeveelheid gas in de grond gevonden. De NAM heeft deze oude put in Monster vervolgens uitgegraven tot waar deze was afgezaagd, en geconstateerd dat er inderdaad 1 tot 2 liter gas per dag lekt. De NAM bereidt plannen tot her-abandonneren voor, welke eind 2018 worden uitgevoerd.